Bouwen aan zelfvertrouwen bij kinderen

Zelfvertrouwen groeit niet in één keer. Het ontstaat in kleine momenten, vaak juist in de alledaagse dingen. Precies daar kun jij als pedagogisch medewerker het verschil maken.  

Wat is het belang van zelfvertrouwen in het leven van kinderen?

Het ene kind barst van het zelfvertrouwen, terwijl het andere kind twijfelt aan zichzelf.  

Kinderen met zelfvertrouwen durven te ontdekken, maken zich minder druk om fouten en staan steviger in sociale situaties. Ze proberen nieuwe dingen, kunnen beter omgaan met tegenslagen en bouwen stap voor stap aan een positief zelfbeeld. Zelfvertrouwen is geen extraatje, maar een stevige basis om te kunnen groeien.  

Een negatief zelfbeeld kan in zijn/haar later in het leven voor problemen zorgen.  

Als pedagogisch medewerker speel jij een belangrijke rol in het versterken van zelfvertrouwen. In deze blog vind je vijf praktische tips die je direct kunt toepassen.  

 

5 Tips om het zelfvertrouwen van kinderen te versterken. 

  1. Wees je bewust van de gedachten van kinderen en stimuleer positief denken.  

Als volwassene weet je dat je negatieve gedachten kunt ombuigen. Kinderen zijn zich vaak nog niet bewust van het feit dat ze invloed hebben op hun eigen gedachten en gevoelens. Jij kunt een kind leren hoe hij sombere of kritische gedachten kan vervangen door positievere gedachten.

2. Stimuleer kinderen om nieuwe dingen te proberen en uitdagingen aan te gaan.  

Een goede manier om het zelfvertrouwen van kinderen te vergroten is door hen nieuwe dingen te laten proberen, ook als een kind het spannend vindt. Door iets te doen wat eerst moeilijk leek, ervaart het kind een gevoel van trots. Kleine overwinningen dragen stap voor stap bij aan het zelfvertrouwen.  

3. Geef complimenten voor de inzet en niet alleen voor het resultaat. 

Wanneer een kind iets bereikt, is het waarschijnlijk vanzelfsprekend dat je hem/haar daarvoor complimenteert. Maar het is belangrijk dat je niet alleen je aandacht richt op het eindresultaat. Het kan zijn dat een kind hard werkt, maar dat het resultaat anders uitpakt dan gehoopt. Geef dan nog steeds complimenten voor de inzet. Zo leert een kind dat inzet tonen waardevol is. Als je alleen focust op het resultaat, kan het voor een kind voelen alsof het gefaald heeft.  

4. Benadruk dat fouten maken mag 

Maak duidelijk dat fouten maken mag. Sterker nog: fouten zijn een belangrijk onderdeel van leren en wanneer kinderen ervaren dat mislukken niet hetzelfde is als falen, durven ze nieuwe uitdagingen aan te gaan. Terwijl hij/zij juist groeit door te proberen! 

5. Vermijd overbescherming en geef zelfstandigheid 

Als pedagogisch medewerker wil je misschien graag kinderen beschermen tegen dingen die fout kunnen gaan. Je moet uitkijken voor overbescherming. Schiet daarom niet direct te hulp als je ziet dat iets niet goed gaat. Laat kinderen ook zelf dingen ondervinden.  

Ook zijn er veel dagelijkse handelingen waarbij we geneigd zijn om die bij kinderen uit handen nemen, terwijl ze dat vaak prima zelf kunnen. Stimuleer bijvoorbeeld het zelf jassen aantrekken of schoenen vastmaken. Kinderen ervaren dan dat ze het echt zelf kunnen, wat hun zelfvertrouwen vergroot. Het scheelt bovendien tijd voor jou als pedagogisch medewerker en ouders waarderen het wanneer hun kind deze vaardigheden leert.  

 

Als pedagogisch medewerker heb je hierin een belangrijke rol: Je begeleidt, moedigt aan en laat los waar dat kan. Zo groeit een kind stap voor stap in zelfstandigheid.  

Vorige
Vorige

Zorgboost overnight oats

Volgende
Volgende

Communicatie in de zorg